Begrafenisblues – W.H. Auden

Het gedicht Funeral Blues is misschien wel het beroemdste gedicht van W.H. Auden. Het dankt zijn bekendheid bij het grote publiek aan de centrale plaats die het had in de film Four Weddings and a Funeral.

Het werd voor het eerst gepubliceerd in 1936 in een vorm die sterk afweek van de vorm waaronder het bekend is geworden. Het maakte aanvankelijk deel uit van The Ascent of F6 (De beklimming van de F6), een toneelstuk in verzen van Auden en Christopher Isherwood. Het gedicht in de ons meest bekende vorm is voor het eerst gepubliceerd in Denys Kilham Roberts & Geoffrey Grigson (red.), The Year’s Poetry, 1938 (Londen: John Lane at the Bodley Head, 1938), en later opgenomen in Audens bundel Another Time (1940). Benjamin Britten heeft het vers op muziek gezet, als één van de Cabaret Songs; het is hier te beluisteren.

Funeral Blues is opgetrokken uit hyperbolen en is hier en daar grotesk, kenmerken die het gedicht effectief benut om groot verdriet op te roepen. Misschien is elke geslaagde evocatie van sterke emotie wel een beetje cabaretesk.

Het is al vaak vertaald, onder anderen door Willem Wilmink.

Funeral Blues wordt zo vaak geciteerd dat je er soms een beetje misselijk van wordt, net als van Mozarts Eine kleine Nachtmusik. Maar ik ben geen snob. Mijn vertaling luidt:

Begrafenisblues

Weg met die klokken, werp de telefoon kapot,
Breng de hond tot zwijgen met zijn smakelijk bot,
Houd de piano stil, begeleid met doffe trom
De entree van de rouwenden, zeg tot de kist slechts: Kom!

Huur vliegtuigjes die zeurend boven ons hoofd
De annonce aan de hemel schrijven: Hij is dood,
Geef stadsduiven een kraag van crêpepapier ,
Geef zwarte handschoenen aan de dienders in ‘t verkeer.

Hij was mijn Noord, mijn Zuid, mijn Oost en West,
Mijn werkweek, weekend en mijn warme nest,
Mijn dag, mijn nacht, mijn kletspraat en betekenis;
Ik dacht dat liefde eeuwig was – ik had het mis.

Geen behoefte aan sterren meer, doof ze één voor één;
Vaag de maan gauw weg, zeg tot de zon: versteen!
Giet de oceaan maar leeg, stamp het oerwoud fijn.
Want niets kan nu voorgoed nog mooi of zinrijk zijn.

Een eerdere slotzin, die vervangen is door de huidige, luidde:

Want niets komt ooit nog goed en alles doet mij pijn.

Het oorspronkelijke gedicht luidt:

Funeral Blues

Stop all the clocks, cut off the telephone,
Prevent the dog from barking with a juicy bone,
Silence the pianos and with muffled drum
Bring out the coffin, let the mourners come.

Let aeroplanes circle moaning overhead
Scribbling on the sky the message He Is Dead,
Put crêpe bows round the white necks of the public doves,
Let the traffic policemen wear black cotton gloves.

He was my North, my South, my East and West,
My working week and my Sunday rest,
My noon, my midnight, my talk, my song;
I thought that love would last for ever: I was wrong.

The stars are not wanted now: put out every one;
Pack up the moon and dismantle the sun;
Pour away the ocean and sweep up the wood.
For nothing now can ever come to any good.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s